In een stad wonen 50.000 mensen van 15-75 jaar. 30.000 hebben betaald werk. 5.000 zijn werkloos (zoeken actief werk). Hoe groot is de beroepsbevolking? Antwoord: Beroepsbevolking = werkenden + werklozen = 30.000 + 5.000 = 35.000.
Wat is een 'flexwerker'? Antwoord: Iemand zonder vast contract, zoals een oproepkracht, uitzendkracht of zzp'er. Paragraaf 7.5 – Werkloosheid Vraag 1: Wanneer ben je officieel werkloos volgens het CBS? Antwoord: Als je geen betaald werk hebt, wel actief zoekt en direct beschikbaar bent.
Wat is de vraag op de arbeidsmarkt? Antwoord: Het aantal werknemers dat bedrijven en organisaties willen aannemen.
Beroepsbevolking = 8 miljoen. Aantal werklozen = 400.000. Bereken het werkloosheidspercentage. Antwoord: (400.000 / 8.000.000) × 100% = 5%. Extra examenopdrachten (afsluiting hoofdstuk) Opdracht A (meerkeuze): Een technologisch bedrijf investeert in AI. Welk effect heeft dit op de vraag naar simpel administratief werk? A) De vraag stijgt B) De vraag daalt C) De vraag blijft gelijk Antwoord: B (De vraag daalt, want AI neemt routinetaken over.)
